Beide benamingen werden in het eerste deel van de 20ste eeuw gebruikt om het gebied ten noorden van de spoorlijn aan te duiden. Dat had niets te maken met kraaien, maar alles met restanten.
In 1893 werd de eerste steen gelegd voor de bouw van het St. Ignatiuscollege, het latere Boslust. De Valkenburgse aannemer Hubert Habets bakte de bouwstenen zelf in een aantal bakovens ter hoogte van de Jos Maenenstraat en de Dr. Ariënsstraat.
Er waren veel bakstenen nodig voor de bouw van het kloostercomplex: 7 miljoen stuks. Dat leverde veel afval uit de bakovens op. Dat wordt in het Valkenburgse dialect "krejje" genoemd, zeg maar "verbrande kolen, sintels".
Deze "krejje" werden gebruikt om de wegen te verharden. Dat gebeurde met
de Parallelweg, de Napoleonstraat en een deel van de Sittarderweg, die nu de Dr. Ariënsstraat heet.
Bron: beeld van broekhem: Jo van Aken / Jan Notten (overleden 26-06-2005) 1988

- 1910

- 1920









